Zittend op een strandje langs de Dordogne zie ik dat ik niet de enige ben die verkoeling komt zoeken. Mij valt op dat iedereen hetzelfde idee heeft als ik: die keien in de rivier, daar moet wat mee! Het doet mij denken aan wat een collega teamcoach mij onlangs zei: ‘Ik wil in een team altijd iets kunnen realiseren; als een kei die de loop van de rivier verandert.’ Deze middag langs de Dordogne krijg ik daarop een ander perspectief.
Ik loop de ondiepe rivier in om een dammetje te gaan bouwen. Daar bovenop maak ik een zo hoog mogelijke toren. Voldaan met het resultaat zoek ik de kant weer op. Een kwartier later banjeren twee kinderen vanaf de overkant het water in. Eén steen volstaat om de toren, die ik met zoveel zorg heb gebouwd, te doen instorten. Even ben ik pissig. Er verstrijkt een uur en weer lopen diezelfde kinderen naar die plek midden in de rivier. Ze kijken, praten wat, trekken enkele stenen uit de dam, mijn dam, en beginnen aan een nieuw bouwwerk.
Dan bedenk ik me dat het tafereel dat ik aanschouw een metafoor is voor mijn rol als teamcoach. Zo kom ik op een dag bij een rivier: lees, een situatie waar het niet stroomt zoals men zou willen of waar men een blokkade ervaart. Eerst neem ik waar wat boven water duidelijk zichtbaar is. Pas als ik instap voel ik de onderstroom en hoe deze aan me trekt. Bij elke stap die ik zet wordt ook iets omgewoeld; soms komt daardoor wat bovendrijven, soms duurt dat langer als het nog door iets in de bodem wordt vastgehouden. Iets bouwen in de rivier, in de hectiek van alle dag, is per definitie bouwen tegen de stroom in. Natuurlijk, ik zou ook met mensen in een kano kunnen stappen, volledig meebewegend met het team; ‘going with the flow’ met een gerede kans dat het stroomafwaarts gaat.
Nog even terug naar de Dordogne. De volgende dag rijd ik langs die plek aan de rivier. Zie ik nog iets terug van wat ik heb gerealiseerd? Niets; de dam is weg, geen torentje meer. Totaal niet relevant! Want op diezelfde plek, midden in de rivier, zie ik nu vier kinderen met elkaar keien verzamelen, bouwen, proberen. Er gebeurt daar van alles en ze doen het met wat er is.
Teambuilding zit ‘m niet in wat je bouwt, maar in wat daardoor in beweging komt. Dat ze met elkaar zijn gaan bouwen en proefondervindelijk ervaren wat wel werkt en wat niet. Dat ze het daar met elkaar over hebben en – in de vaart van alle dag, tegen de stroom in – daarin blijven volharden, met probeerplezier.
Wat mij betreft heeft teamcoaching minder van doen met ‘iets realiseren’ dan met het wakker maken van vermogens die het tussen mensen weer laat stromen.